Hieronder vindt u een algemeen stuk over de geschiedenis van Barsingerhorn. In de linker kolom vindt u een lijst met objecten en via deze links krijgt u meer informatie over de verschillende objecten die in ons dorp staan of hebben gestaan. Deze lijst zal in de komende tijd verder worden uitgebreid.
De naam De naam 'Barsingerhorn' komt waarschijnlijk van de oude vormen Bersingerhorne; Bersincshorne, van de Friese mansnaam Barse. Horne betekent uithoek, inham.
De ligging Barsingerhorn ligt in het noorden van de provincie Noord-Holland, tussen de dorpen Haringhuizen en Kolhorn. Vanuit Haringhuizen rijdt men langs de Lutjewallerweg naar Barsingerhorn. Vlak bij het dorp aangekomen ligt er rechts een landweg, De Koningsweg en hieraan liggen 2 terpen. Het dorp Barsingerhorn is gebouwd op en langs een zeer oude dijk . Het is duidelijk te zien dat de huizen aan de hoge Zuidkant van de weg op die dijk gebouwd zijn. Vanaf de bocht bij het bedrijf van Kuiper tot de Mieldijk ligt het hoogste gedeelte van het dorp. Midden in het dorp staat het prachtige gerestaureerde Raadhuis, vroeger 'het Rechthuis' geheten. Tegenwoordig worden er veel huwelijken voltrokken in "'t Raedthuys". Daarnaast zijn er regelmatig exposities in "t Raedthuys. Voor informatie over het wapen van Barsingerhorn kunt u op de site van de Nederlandse overheidswapens kijken. De bodemvorming in ons gebied stond onder invloed van dalingen en stijgingen van de zeespiegel. De ondergrond bestaat voor het overgrote deel uit verschillende soorten klei, met een kleinere hoeveelheid veen, wat echter plaatselijk verschilt.
De bodemvorming in ons gebied stond onder invloed van dalingen en stijgingen van de zeespiegel. De ondergrond bestaat voor het overgrote deel uit verschillende soorten klei, met een kleinere hoeveelheid veen, wat echter plaatselijk verschilt. Geschiedenis tot einde 18e eeuw
Rond het jaar 400 bevolkten de Friezen het gehele kustgebied van ons land. Toen later Karel de Grote hier regeerde (768-814) was het gebied ingedeeld in graafschappen. De dorpsgemeenschappen droegen een gesloten karakter. Op het einde van de 13e eeuw bestond de kern van de bevolking van de dorpen in West-Friesland uit vrije boeren en kleine grondbezitters. Ook het dorp Barsingerhorn zal ontstaan zijn doordat mensen, die op wat voor manier ook, op het grondgebied aanwezig waren, een gezamenlijk bolwerkje bouwden tegen de overstromingen en zich op deze dijk vestigden. Vermoedelijk begon men hier al mee rond het jaar 900. Barsingerhorn treft men reeds in 1288 in oude geschriften aan. In 1289 moesten de Westfriezen zich aan Floris V, graaf van Holland, overgeven. In een acte van 7 november 1299 vindt men Houtwoudingherambacht, Drechtingherambacht, Gheestmannerambacht en Nedorpingherambocht. Bij de latere feodalisering tussen 1289 en 1298 verdwijnen de Gouwen, en wordt het hele Noorden van Holland verdeeld in Oost-, Wester- en Noorderbaljuwschap. Het Nedorpingherambocht viel onder het westerbaljuwschap. Dit ambacht was opgedeeld in twee 'coggen': de Scager- en Niedorpercogge. De koggen waren op hun beurt weer opgedeeld in bannen, wat de kleinste rechtsgebieden in West-Friesland waren. Barsingerhorn was gelegen in de Scagher Cogge. In 1415 kreeg Barsingerhorn (met Haringhuizen) het stadsrecht van Graaf Willem. De Heeren van Schagen hebben dit stadsrecht bevestigd. Het huidige raadhuis was oorspronkelijk een Rechthuis. De stede Barsingerhorn kreeg dit in 1622, en deed als zodanig dienst tot 1730. In 1574 kreeg Barsingerhorn een protestantse kerk, die in 1641 herbouwd werd. Vanouds leefden de Westfriezen in hoofdzaak van veehouderij, met op de allerhoogste gronden enige akkerbouw. Daarnaast werden zeevaart en handel beoefend. Zo was Barsingerhorn in 1468 thuishaven van een vijftal Rijnschepen. Toen de open weg naar zee dichtslibde, voer men via Barsingerhorn, waar zich naast A.C. Spaans op Heerenweg 34 nog een sluis bevindt, naar Kolhorn, waar een schutsluis in de Westfriesedijk dijk was. De 19de en 20e eeuw
Rond 1776 was Barsingerhorn een streekstad, welke samen met Schagen de hoge heerlijkheid Schagen vormde. De Franse tijd bracht grote veranderingen op bestuurlijk gebied: het gezag werd gecentraliseerd. Ons gebied lag in het Arrondissement d'Alkmaar. Op 21 oktober 1811 werd besloten de aparte gemeenten Barsingerhorn en Haringhuizen samen te voegen tot de gemeente Barsingerhorn. Men kreeg als bestuur een gemeenteraad die burgemeester en wethouders controleerde. In 1979 werden de gemeenten Barsingerhorn en Wieringerwaard samengevoegd tot de nieuwe gemeente Barsingerhorn.
De wapens van de gemeente Barsingerhorn: Dit wapen is samengesteld uit het wapen van Beieren, het vroegere officieuze wapen en de zwaan van Wieringerwaard. Het officieuze wapen met een Bourgondisch kruis is symbolisch voor het feit dat Margaretha van Bourgondië in 1415 Barsingerhorn stadsrechten verleende. Dit wapen was ook in gebruik als heerlijkheidswapen. Het komt als zodanig voor in de 18e eeuw (Beelaerts van Blokland en Schoemaker).
Dit wapen werd gevoerd tot 1941.
Het nieuwe wapen van de gemeente Niedorp, waar Barsingerhorn nu bij hoort:
Door samenvoeging per 1 januari 1990 van de gemeente Niedorp met een deel van de voormalige gemeente Barsingerhorn werd besloten een geheel nieuw wapen te ontwerpen. Het ontwerp van dhr. A. Wit heeft als uitgangspunt het wapen van de oude gemeente Niedorp met daarin geplaatst een dwarsbalk van schuinrechts spitsgeruit afkomstig uit het wapen van de oude gemeente Barsingerhorn.
Meer informatie over de wapens van Barsingerhorn / Niedorp vindt u op de site van Nederlandse Gemeentewapens en op de site van Westflinge, een site over de geschiedenis van Westfriesland.
Aan het begin van deze eeuw kende men in de dorpen een groot aantal middenstanders. In Barsingerhorn waren er in 1910: 12 bakkers, 3 dokters, snoepwinkel, kruidenierswinkel, 2 slagers, 2 kolenboeren, 2 groenteboeren, 2 manufacturiers, 2 scheerwinkels, 2 smederijen, een verfmolen, zaagmolen, 3 timmerzaken en een grutterij. (Uit: Barsingerhorn. Een sociaal-geografische studie over een Noord-Hollandse gemeente/ Stoffers, S.J.)